Algemeen

In Weet Magazine: Van musket tot AK-47

op

Talloze oorlogen en conflicten in de afgelopen eeuwen hebben geleid tot evenzoveel aanpassingen van de wapens waarmee vijanden elkaar te lijf gingen. Geweren werden lichter, handzamer en vooral: dodelijker. Een historisch overzicht van een bloedige wapenwedloop.

Aan het schrijven van een verhaal over de ontwikkeling van dodelijke vuurwapens kleeft algauw het gevaar van vergoelijking of verheerlijking van geweld. Vind maar eens de juiste woorden voor de immense ‘evolutie’ die het geweer in de loop van de afgelopen honderden jaren doormaakte. Is het vooruitgang dat je tegenwoordig met een enkel vuurwapen in een paar seconden tientallen slachtoffers kunt maken? In het licht van massaschietpartijen van individuele gestoorden – zoals Anders Breivik in 2011 in Noorwegen – is ‘vooruitgang’ ineens een afgrijselijke term.
Uitvindingen laten zich echter over het algemeen niet sturen door ethiek of maatschappelijke opvattingen. Met de introductie van buskruit ongeveer duizend jaar geleden (zie kader rechts) was de daaropvolgende vuurwapenwedloop min of meer onvermijdelijk. En die lange geschiedenis was bloedig, maar tegelijk ook buitengewoon vernuftig.

Handbus
Kort na de uitvinding van het buskruit door China, rond het jaar 1000, zette dat land de uiterst explosieve stof al in ter voortstuwing van projectielen tijdens oorlogen. Dat gebeurde eerst nog met provisorisch geprepareerde buizen, maar een eeuw later leek het wapentuig al aardig op een echt kanon. In de veertiende eeuw kwam er een handzame versie van in omloop: de handbus. Dit minikanon, met een korte loop en bevestigd aan het uiteinde van een stok, markeerde het begin van de geschiedenis van het handvuurwapen. Zowel buskruit, het kanon als de handbus vonden – via de islamitische wereld – hun weg naar Europa, waar ze onder meer in de eindfase van de Honderdjarige Oorlog tussen Frankrijk en Engeland (1337-1453) werden ingezet.

Veldslang
De voorloper van het musket is in de middeleeuwen uitgevonden. De veldslang was de opvolger van de mechanische trebuchet en andere katapultachtige wapens. De combinatie van een relatief lange loop, een lichte constructie en het wegschieten van massieve, ronde kogels maakte het mogelijk een doelwit op redelijk grote afstand te raken. Het wapen bestond uit een holle buis (met gladde loop en een lontgat), aan één zijde afgesloten en op een stuk hout geklemd. Het werd met buskruit geladen om loden kogels af te vuren. Dit kanon deed eeuwenlang dienst. In de zestiende eeuw nog paste de Engelse marine de veldslang aan voor gebruik op schepen. Dit wapen werd vanwege de langere loop ook ‘clover’ genoemd (van het Franse woord ‘couleuvre’ dat ‘adder’ betekent) en de soldaat die ’m bediende ‘klovenier’. Deze naam komt in diverse Nederlandse gemeenten nog terug in straatnamen.

Haakbus
In de vijftiende eeuw verschijnt het eerste als echt geweer aan te duiden wapen op het toneel: de haakbus, een doorontwikkelde variant van de veldslang. Het bleef tot de zeventiende eeuw in gebruik. Omdat er nog geen massaproductie bestond, verschenen er vele soorten handvuurwapens op de markt die met de term ‘haakbus’ werden aangeduid. Het gemeenschappelijke kenmerk was een haak die aan de loop werd bevestigd en waarmee het wapen achter een object kon worden vastgezet om de terugstoot op te vangen.
In feite is de komst van de haakbus de oorzaak van de teloorgang van de kruisboog in oorlogsvoering – en het bestaan van de ridder. Tijdens de Slag bij Pavia in 1525 werden de Franse ridders getrakteerd op een kogelregen uit haakbussen, waarna ze de strijd moesten opgeven.
Overigens was de haakbus een stuk onnauwkeuriger dan de boog, maar dat nadeel werd goedgemaakt door een groot aantal haakbussen tegelijkertijd af te vuren. Daar kwam bij dat haakbussen veel eenvoudiger te bedienen waren dan kruisbogen. Een opleiding tot kruisboogschutter duurde jaren; in tegenstelling tot het leren bedienen van een haakbus, dat maar een paar weken in beslag nam.
Met de introductie van de haakbus was de cavalerie en infanterie ook meteen een stuk kwetsbaarder. Een kogel uit een gemiddelde haakbus kon een goed plaatharnas doorboren.

Benieuwd hoe de geschiedenis verder gaat? Je leest het in het oktobernummer van Weet Magazine dat op 4 oktober verschijnt.